wachttijden

Volgende week woensdag vergadert de vaste Kamercommissie VWS voor het eerst sinds de komst van de nieuwe kabinet over de ggz, maatschappelijke opvang en suïcidepreventie. De 100 inwerkdagen zitten erop en MIND vraagt in haar brief aan de Kamerleden om de minister te wijzen op haar verantwoordelijkheid om het voortouw te nemen bij de aanpak van de problemen in de ggz; om heldere keuzes te maken, te prioriteren en te coördineren.

Hoewel de cijfers over wachttijden in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) op macroniveau ongeveer stabiel blijven (bron: NZa), geven bestuurders bij ons aan dat veel werk nodig is om ervoor te zorgen dat de wachttijden niet oplopen. Dat komt vooral door fluctuerende vraag en ziekte van personeel. De volgende risico’s zijn hiermee verbonden:

In mei dit jaar wachtten in totaal 75 duizend mensen op geestelijke gezondheidszorg. En ruim 27 duizend mensen wachtten langer dan de afgesproken maximale wachttijd. Dit heeft de Nederlandse Zorgautoriteit maandag 12 juli in een rapportage over de wachttijden en, voor het eerst, het aantal wachtenden in de ggz gepubliceerd. MIND vindt het onacceptabel dat na al die jaren roepen dat het echt anders moet en beloven dat het anders wordt, er feitelijk niets is opgelost.