Vanuit Het Ondersteuningsburo is medio 2005 Het Patiëntencollectief opgericht, waarbij Caleidoscoop zich samen met een groot aantal andere patiëntenverenigingen heeft aangesloten.
Het doel van dit collectief is een sterke basis te vormen voor onderhandelingen met zorgverzekeraars in het kader van de nieuwe zorgverzekering die op 1 januari 2006 van kracht is geworden, en aanspraak te maken op de mogelijkheden die de wetgever de verzekeraars biedt om ondermeer chronisch zieken een betere positie te geven binnen ons zorgstelsel.
Belangrijk in het nieuwe systeem is de risicoverevening. Dit betekent dat verzekeraars voor mensen die grote risico´s met zich meedragen (met name chronisch zieken) in de basisverzekering een vergoeding per verzekerde krijgen. Dit is een essentieel onderdeel van het nieuwe verzekeringsstelsel. Met deze verevening hoopt de politiek dat o.a. chronisch zieken en gehandicapten zich beter kunnen gaan verzekeren.
Alle bij het collectief aangesloten patiëntenverenigingen hebben een inventarisatie gemaakt van de specifieke problematiek van hun achterbannen. Die gegevens zijn in onderhandelingen met verzekeraars meegenomen in de hoop en verwachting goede (aanvullende) verzekeringspakketten te kunnen regelen.
De praktijk blijkt inmiddels anders. Uiteindelijk hebben slechts 3 patiëntenverenigingen een goede regeling voor hun achterban kunnen afsluiten; voor de overige bleken verzekeraars nog niet bereid op de vragen in te gaan.
De minister en kamerleden zijn hierover aangesproken, en er zijn kamervragen aan de minister gesteld.
De minister doet in antwoord op kamervragen voorkomen alsof het toevallig is dat drie van de 19 organisaties een collectief hebben kunnen afsluiten. Dat is echter niet zo. Alle 19 organisaties hebben op dezelfde manier onderhandeld, hadden dezelfde contacten en hebben dezelfde eisen en wensen op tafel gelegd. Het enige verschil met deze drie is dat ze (goed) verevend worden. Hiermee is aangetoond dat de verevening hét grote struikelblok vormde. Dit is ook letterlijk gezegd door de verzekeraars.
Het onvoldoende functioneren van de verevening heeft echter meer effecten. Dat is niet alleen jammer voor het niet kunnen aangaan van collectiviteiten, maar er kan nog iets veel gevaarlijkers gebeuren.
Met de verevening zijn de groepen identificeerbaar en weten de verzekeraars precies welke groepen interessant zijn en welke niet. Ze mogen geen mensen weigeren in de Basisverzekering, maar als ze er voor zorgen dat de zorg voor deze groepen niet optimaal is, gaan die mensen vanzelf weg. En dat is nog de ‘aardige’ manier om ze weg te krijgen. Waar we naar toe willen is juist dat de zorg verbetert. Je ziet bij diabetes dat door de goede verevening diabetespatiënten interessant geworden zijn voor verzekeraars, dat ze deze patiënten met grote uithangborden willen binnenhalen en verschillende zorginnovatieprogramma’s opzetten. Dit stimuleert goede zorg.
Het Patiëntencollectief heeft een afspraak met de Erasmus Universiteit, waar onderzoek gedaan wordt naar de vervening om te kijken of we gezamenlijk kunnen optrekken. Momenteel werkt met name de VSOP aan zeldzame aandoeningen en de GGZ heeft ook bijzondere aandacht, maar wij zullen ook focussen op de aandoeningen vertegenwoordigd in Het Patiëntencollectief.
Regeling beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2006
Verbetering risicoverevening in de zorgverzekering, eindrapportage 2005, Erasmus Universiteit en NPCF
Hoe werkt de risicoverevening voor geneeskundige geestelijke gezondheidszorg?
Risicoverevening: denk aan de GGZ-patiënt
Jaarverslag 2005 van de activiteiten van het Patiëntencollectief